Zo verklaren de ‘Wie Is De Mol?’-finalisten hun gedrag
15 december 2025
In ‘Niet De Mol’ blikte Splinter Chabot deze week met de drie finalisten van ‘Wie Is De Mol?’ terug: Nathan Rutjes, Merel Westrik en Loes Haverkort. Hoe ze het spel beleefden, welke tactieken strandden en waarom sommige momenten méér betekenden dan ze lieten zien, kwam openhartig op tafel.
Alleen voor Loes Haverkort is het finalistenbestaan in ‘Wie Is De Mol?’ nieuw. Toch viel voor Merel Westrik het kwartje pas echt aan tafel met Splinter. Nathan Rutjes had al gehoopt op het lange verblijf in Portugal, dat vol chaos om op terug te blikken zat.
de tactiek van Merel
Over haar tactiek begint Merel vaag: “Als Mol bereid je je natuurlijk heel goed voor, maar als mogelijk kandidaat, of weer als Mol, wordt het toch ook weer een ander verhaal.” Uiteindelijk verduidelijkt ze: “Je bereidt je op alles voor, maar misschien is wel de beste voorbereiding de geruststelling en jezelf eraan herinneren dat je het al een keer hebt meegemaakt.” Het is niet haar enige tactiek. Dit keer nam ze meer afstand: “Iets meer bekijken en iets meer in de rust observeren”, zegt ze. Loes wilde óók observeren en mysterieus blijven, maar merkte dat het in praktijk anders ging. Nathan hield zich aan zijn spreidtactiek bij de test en probeerde tijdens opdrachten te observeren, al is dat lastig “Dan loop je door een zwembad heen te rennen of je gaat vaten lopen rollen.”
Tekst gaat verder onder video.
twee opdrachten in ‘Wie is de mOL?’
De rechtbankopdracht, waarin iedereen overtuigend “ik ben de Mol” moest zeggen, vond Loes niet spannend. Ze was vooral bezig met het overtuigende verhaal dat ze na die zin moest afsteken. Nathan stak tijdens het uitspreken zijn hand op alsof hij onder ede stond: “Dat doe je in een rechtbank toch?” Merel grapte dat het haar makkelijk afging: “Dat heb ik al eens gezegd!” Tijdens de ‘line-up’, met Jurre in de mol-oortjes, viel Splinter op dat Merel lachte. “Ik ben ook een vrolijk mens”, zegt zij daarover. Loes verdedigt haar: “Je hoorde Rik toch heerlijk praten, daar kon je ook al erg om lachen.”
Sinaasappels en de ‘catfight’: oven versus garde
De veelbesproken ‘catfight’ tussen Merel en Loes draaide om prioriteiten. Merel: “We zouden voor de oven gaan, want de oven moet voorverwarmen. Duurt lang. Dan had je nog de garde, toen dacht ik: de garde kun je ook met een vork doen.” Loes schudde haar hoofd: vanuit de keuken was gecommuniceerd dat de garde het eerst nodig was. Improviseren mocht niet: “We mochten niks anders gebruiken, Merel!” Toch hield Merel vol dat de oven cruciaal was. Botsende logica, stijgende tijdsdruk: het perfecte recept voor frictie. Of een mollenactie?
Lees ook: Kim Pieters over ‘WIDM’ en het gedrag van Merel Westrik
Speedboot, bochtjes en een brief in het Molboekje
In de finale-aflevering zongen de drie op een speedboot. Merel koos het moeilijke ‘Ik Wil Alleen Maar Zwemmen’ van Spinvis: “Dat is ook hoe associatie werkt: ik zie de zee, ik zie water en ik denk alleen maar: ik wil alleen maar zwemmen.” Dat de Mol de route bepaalde, voelde het drietal goed: “Mocht wel iets minder,” vond Nathan. Ook Merel: “Het is wel een beetje een sadistische Mol, dat ‘ie ons zoveel bochtjes laat gaan en zo vaak hard remt.” ee
Later dook in Merels Molboekje een brief van Nathan op, geschreven na het vertrek van Sahil, bedoeld als steun in de rug om haar hechte band met de afvaller. Wat erin stond, blijft tussen hen.
FOTO: ANP
Uit andere media